dinsdag 31 maart 2015

Droombal




Nog één nachtje slapen, denkt Gabriëlle, en dan is het eindelijk zover; het personeelsfeest van het warenhuis waar ze een parttime baan heeft! Ze heeft hier zo lang naar uitgekeken, haar kostuum ligt al maanden klaar. Het thema van het feest: een gemaskerd bal. Haar jurk heeft de diepblauwe kleur van de korenbloem en hierbij heeft ze een prachtig Venetiaanse masker kunnen vinden.
Ze doet het lampje op haar nachtkastje uit en valt al dromend in slaap.

De volgende ochtend staat ze opgewekt op. Ze kan niet wachten tot het 19:00 uur is en daarom houdt ze zich bezig met het opruimen van haar kamer. Als het 14:45 uur is hoort ze de deurbel en ze rent naar de voordeur. Haar vriendin/collega Louise staat voor de deur en samen gaan ze naar de kapper.
Twee uur later staan ze beiden met een prachtige bos krullen weer in de kamer van Gabriëlle en gaan ze zich klaarmaken voor het feest.

Om 5 voor 7 komen ze aan bij het warenhuis, waar de bus al staat te wachten. Ze zetten hun fietsen op slot en gaan de bus in. Iedereen ziet er prachtig uit, sommigen zijn nauwelijks herkenbaar, maar Remi haalt ze er meteen uit. Wauw, wat ziet hij er goed uit in zijn blauwe maatpak. En wat schetst haar verbazing, hij heeft hetzelfde masker als die van haar, alleen dan de mannelijke versie. Met haar hoofd in de wolken loopt ze een tikkeltje zenuwachtig langs hem heen terwijl ze hem begroet.
Al sinds hij 3 maanden geleden op de afdeling naast die van haar kwam werken heeft ze een oogje op hem.

De bus brengt hen in een uurtje naar een kasteel bij een schitterend meer. Het mooi verlichtte kasteel ligt er prachtig bij en met de volle maan en de paars-roze gekleurde fonteinen lijkt het net een plaatje uit een sprookjesboek.
Wanneer ze in de balzaal aankomen vallen alle monden open van bewondering, wat ziet het er mooi uit! Aan het beschilderde plafond hangen enorme kroonluchters, voor de grote ramen hangen wit met gouden gordijnen gedrapeerd en op de witte muren en pilaren zitten gouden sierbloemen. Je waant je even in de balzaal van Sissi.

Gabriëlle, Louise en alle andere collega's feesten er op los, de dj draait heerlijke dansmuziek en de hapjes en drankjes smaken voortreffelijk. Wanneer de begintonen van een langzame ballad klinken stoppen Gabriëlle en Louise even met dansen om een drankje te halen en op adem te komen. Net wanneer ze weglopen voelt Gabriëlle een hand op haar schouder. Ze draait zich om en ziet tot haar verbazing Remi staan. "Mag ik deze dans van deze prachtige dame?" vraagt hij. Gabriëlle kijkt vragend om naar haar vriendin, die glimlacht en zachtjes knikt, "natuurlijk, ik ga de drankjes wel even halen." Remi leidt haar weer terug naar de dansvloer en neemt haar in zijn armen. "Eindelijk, hier droom ik al maanden van," fluistert hij zachtjes in haar oor. Gabriëlle krijgt een lach op haar gezicht die er de hele avond niet meer vanaf zal gaan.

dinsdag 24 maart 2015

Tussen de paarden van de graaf




Het is nu 21:00 uur. Ben ligt al twee uur in de greppel op het landgoed van de burcht van Arnhem. De gevechtsvliegtuigen bleven maar overvliegen en bommen gooien. Zijn peloton marcheerde net over de brug toen er een bom op gegooid werd. Er zijn veel van zijn maten gesneuveld, terwijl hijzelf gelukkig nog niet op de brug liep. Voor zover hij kon zien is hij de enige van de staart die op tijd terug kon rennen. Waarschijnlijk heeft het voorste gedeelte van het peloton de overkant wel gehaald. 

Nu de rust is wedergekeerd besluit hij door de greppel naar de paardenstal te kruipen. Een kwartier later heeft hij deze veilig bereikt. Helaas zit de deur op slot en hij durft hem nu niet open te schieten met zijn dienstpistool. Gelukkig heeft hij zijn loep mee en snel begint hij hiermee een gat onder de deur te graven. Twee uur later is het gat groot genoeg om eronderdoor te kruipen. Uitgeput staat hij op en klopt het zand van zijn uniform.

Met zijn zaklamp schijnt hij door de stal. Er staan 4 paarden zenuwachtig te hinniken. Voorzichtig loopt hij richting het achterste gedeelte. Plotseling hoort hij iemand niezen, verschrikt grijpt hij naar zijn pistool en sluipt naar de plek waar het geluid vandaan kwam. Daar ziet hij 4 paar angstige ogen achter een rij hooibalen oplichten. Meteen stopt hij zijn pistool weg en zegt dat ze niet bang hoeven te zijn, hij is een Nederlandse soldaat. Nog een beetje angstig staat het gezin langzaam op, vier gele sterren lichten op in het schijnsel van de zaklamp.

Al 3 maanden verschuilt het gezin zich in deze stal. Ze zijn geholpen door de opperstalmeester en zijn stalknecht, die bij het verzet zitten. De graaf en zijn gezin zijn naar Canada gevlucht en met een aantal andere medewerkers van het kasteel zijn zij achtergebleven om het te bewaken. Vandaag is er niemand geweest om het gezin van voedsel te voorzien. Ze hopen dat hun helpers in orde zijn.

Nadat hij is bijgekomen van het avontuur weegt Ben de kansen af, het gezin kan hier niet blijven, Arnhem ligt al dagen onder vuur. Hij besluit ze te helpen en wel nu meteen. Waarschijnlijk blijft het de rest van de avond rustig en in het donker is het het veiligst. Hij vraagt het gezin hun donkerste kleding aan te doen.
Het gezin pakt zijn spullen bij elkaar en nadat ze de paarden hebben losgelaten, laten ze zich door Ben naar de militaire basis leiden. Hier komen ze om 2:30 uur zonder problemen aan en het gezin wordt ondergebracht in een leegstaand slaapvertrek. De volgende dag wordt duidelijk hoeveel geluk ze hebben gehad, de burcht is samen met de stallen in rook opgegaan, nog geen 12 uur na hun vlucht.


Het gezin heeft gedurende de rest van de oorlog in een vluchtelingenkamp gezeten en ze genieten nu van een rustig leven in Amersfoort.
Hun helpers zijn de ochtend voor de redding omgekomen bij de bombardementen. 
Na de oorlog krijgt Ben voor zijn heldhaftige optreden een eremedaille; de gouden Anjer.



dinsdag 17 maart 2015

De luchtballon in de woestijn




Opgetogen legt Lisa de appels op de weegschaal in de kleine kruidenierswinkel in Caïro. Vandaag gaat ze samen met haar grote liefde Tom een ballonvaart maken over de piramides en het woestijnlandschap van Egypte. Ze slaan nu een lekkere lunch in, zodat ze straks ergens in een oase kunnen picknicken.

Tom en Lisa hebben elkaar nu bijna 2 jaar geleden op een bizarre wijze ontmoet. Op een avond reed Lisa in haar blauwe Volkswagen Kever vanuit haar werk naar huis. Plotseling werd er door een automobilist geseind en even verderop nog eens. Lisa besloot toen naar de kant te rijden om te kijken wat er aan de hand was. Toen ze stilstond parkeerde er een andere auto achter haar. Ze stapte uit en zag dat uit de andere auto een wel heel aantrekkelijke man uitstapte.
"Hallo, ik ben Tom en ik seinde naar je omdat je rechter voorlamp het niet doet." Lisa stelde zich voor en zei dat ze het zeer op prijs stelde dat hij speciaal daarvoor omgekeerd was om het haar te vertellen. Omdat het al erg donker was stelde ze voor naar een wegrestaurant te rijden waar ze wat meer licht hadden en ze hem kon trakteren op een kop koffie. Tom vond het een goed idee en volgde haar. In het restaurant sprong de vonk over en sindsdien zijn ze onafscheidelijk.

Lisa had zich de woestijn toch anders voorgesteld, Ze dacht dat het een grote zandvlakte zou zijn met af en toe een heuveltje. Nu ze erboven vaart kan ze haar ogen niet geloven. Allerlei kleuren en patronen ziet ze onder haar voorbij glijden. Het is adembenemend. Ook de piramides zien er prachtig uit vanuit de lucht. In de verte zien ze een Oase opdoemen en de ballonvaarder stelt voor om daar een pauze te nemen om te picknicken. Dat vinden de twee tortelduifjes een prima plan.
Even later staan ze in een betoverende omgeving met palmbomen, baobabs en vijgenbomen. In het midden ligt een plas water waar ze eerst verkoeling in zoeken. Als ze afgekoeld zijn beginnen ze aan hun uitgebreide lunch.
Na een uur zegt de ballonvaarder dat het tijd is om te vertrekken, het kan erg gevaarlijk zijn om te varen in het donker. Tevreden pakken ze hun spullen en lopen richting de luchtballon. Even geloven ze hun ogen niet; de ballon is verdwenen. Verward kijken ze om zich heen, geen ballon te bekennen. Totdat ze het geluid van een gasbrander in een luchtballon horen. Ze kijken omhoog en daar hangt de ballon. Over de rand van de mand hangen twee lachende gezichten. De ballon is gestolen.

Gelukkig heeft de ballonvaarder een radio bij zich. Ze proberen contact te leggen met de politie in Caïro, maar helaas krijgen ze geen verbinding.
Ze moeten gaan lopen en hopen dat ze snel een nederzetting tegen komen.
Tom en Lisa pakken hun rugzakken en lopen achter de ballonvaarder aan. Gelukkig hebben ze hun wandelschoenen aan en is er van de lunch nog genoeg over.
Uren lopen ze door de woestijn, waar de temperatuur behoorlijk gedaald is. Met een kleine zaklamp en het licht van de maan kunnen ze enigszins zien waar ze lopen. Als ze de moed bijna hebben opgegeven zien ze ineens een kampvuur branden. Blij gebruiken ze hun laatste krachten om het te bereiken. In het tentenkamp worden ze al opgewacht, de dorpelingen zagen een licht steeds dichterbij komen. Snel worden ze een tent in geleidt en kunnen ze zich opwarmen onder de dekens van kamelenwol.

De volgende dag liggen ze in hun hotelkamer bij te komen. Ze zijn goed verwend door de dorpelingen en 's middags heeft een politiehelikopter hen opgehaald en bij het hotel afgezet.
"Het was wel heel beangstigend, maar ik had dit voor geen goud willen missen," zegt Tom. "Nee lieverd, ik ook niet," zegt Lisa. Ze kruipt nog wat dichter in zijn armen en voelt zich de gelukkigste vrouw van de wereld.






maandag 9 maart 2015

Het masker van Joanne



Joanne is op, helemaal op. Het liefst pakt ze vandaag nog het vliegtuig naar de schapenboerderij van haar broer Tim in Schotland. Heerlijk bijkomen tijdens een wandeling door het rustgevende landschap en haar gedachten even loslaten in de wind aan de kust.
Maar helaas, het kan niet vanwege haar werk bij de reptielen in de dierentuin. Eén van haar collega's heeft vakantie, de ander is met zwangerschapsverlof en op de andere afdelingen zijn ook geen extra mensen beschikbaar. Samen met haar collega Sven zal ze het nog 2 weken moeten zien te doen. Gelukkig is Sven ook haar beste vriend en kan ze onder het sorteren van de kevers, sprinkhanen en andere insecten haar verhaal aan hem kwijt. Zonder hem was ze echt ingestort.
Vanochtend heeft Joanne haar masker maar weer op gezet. Ze heeft na het gebeuren echt twee gezichten gekregen. De meeste mensen om haar heen hebben waarschijnlijk geen idee wat er werkelijk achter dit masker speelt.

Drie weken geleden vertelde hij het haar: "Ik wil van je scheiden, Joanne." Het was alsof de bliksem bij haar insloeg. Nooit had ze ook maar iets gemerkt, nooit had hij gezegd hij niet meer van haar hield of dat hij niet gelukkig was. En nu ineens out of the bleu wil hij scheiden. Joanne stond aan de grond genageld en wenste dat ze een toverstafje had om alles weer gewoon te laten zijn. Hakkelend vroeg ze: "Waarom?" En toen kwam het hoge woord eruit, hij had een ander, al anderhalf jaar en de minnares is haar bloedeigen nicht Anouk. Hoe heeft ze zo blind kunnen zijn, anderhalf jaar en nooit ook maar het kleinste vermoeden. Op geen enkel feestje van de familie heeft ze iets gezien wat haar zorgen moest baren, sterker nog, ze heeft ze niet eens met elkaar zien praten. Zwijgend is ze naar boven gegaan en heeft de koffers van haar man gepakt. Deze heeft ze op de gang gezet en daarna is ze in bed gaan liggen en kon ze alleen maar huilen.
Vanaf die dag heeft Joanne bijna alleen maar gehuild en praktisch niet geslapen. Een week lang heeft haar man haar berichten met excuses en spijtbetuigingen gestuurd, op geen enkele heeft ze gereageerd.

Schijn-vrolijk staat Joanne groenten en fruit te snijden, haar mond staat bijna niet stil, ze vergeet soms zelfs adem te halen. Sven kent haar te goed en trapt niet in dit toneelstukje. Dit zegt hij tegen haar en direct is ze stil en betrekt haar gezicht. "Oh Sven, je hebt me alweer door, het gaat inderdaad helemaal niet goed. Ik heb het aan mijn ouders verteld gisteravond en mijn vader was zo kwaad dat hij meteen naar hem toe wilde gaan om hem een klap te verkopen." Sven trekt haar in een stevige omhelzing en zegt dat hij dit wel begrijpt en dat hij dat zelf ook graag had willen doen. 
"Maar... ik heb iets wat veel beter is en waar je misschien een beetje van opknapt. Wij gaan dit weekend samen naar een kasteel in Limburg en laten ons lekker verwennen in de Spa die bij het kasteel hoort. Het is geen Schotland waar je zo graag heen zou willen, maar ik dacht dat dit een goede vervanger zou zijn." "Maar dat kan helemaal niet, wie moet er dan voor de dieren zorgen", vraagt Joanne. "Maak je daar maar geen zorgen over, ik heb alles kunnen regelen." Blij omhelst ze Sven. "Dankjewel lieve Sven, ik ben zo blij dat ik jou nog heb!" Een stukje minder schijn, gaat ze vrolijk door met snijden. Over een tijdje kan ze haar masker hopelijk in de kliko gooien.


dinsdag 3 maart 2015

De violet gekleurde suikerspinvis



Peinzend staat Geraldine voor de deur van het torenkamertje in het kasteel van haar overleden grootouders. Nu ze er beiden niet meer zijn moet het kasteel verkocht worden. Geraldine is de enige nabestaande en in haar eentje kan ze niet voor de kosten van het onderhoud zorgen. Het kasteel staat dan ook in Nieuw-Zeeland, niet echt om de hoek van haar appartementje in Amersfoort.
Bijna alle vertrekken zijn nu leeg, alleen de kelder waar ze niet in durft en het torenkamertje moeten nog gedaan worden. In dit torenkamertje staan alle waardevolle spullen opgeslagen. Zo staan er allerlei antieke meubels, schilderijen van beroemde kunstschilders, waardevolle sieraden en meer van dat soort dingen. Hetgeen waar Geraldine de mooiste herinneringen aan heeft en die ze zo graag wilt hebben staat hier ook; de violet gekleurde suikerspinvis in een grote glazen bol. Op de standaard zitten drie knopjes, één om het onderwaterleven te laten bewegen, één om de verlichte vuurvisjes te laten branden en één voor de zingende zeemeerminnen en dolfijnen. Samen met haar vriendinnetje Rosie kon ze hier uren naar kijken en wegdromen bij de gedachte dat zij deel uitmaakten van het leven in de glazen bol.
Er is alleen 1 probleem; de sleutel van het hangslot is zoek. En er is dus nog maar 1 optie, de kelder! En hier gaat ze dus echt niet alleen heen.

Al vijf jaar heeft Geraldine haar vroegere vriendin Rosie niet gezien, het contact is een beetje verwaterd door hun studies en de grote afstand. Maar Rosie is de enige persoon die ze hier kent, dus zenuwachtig en met trillende handen pakt ze haar mobieltje en zoekt het nummer op.
Na 4 keer overgaan hoort ze de vertrouwde stem van Rosie; “Hello?” “Hai Rosie, this is Geraldine.” “OMG! Is this really you?” “Yes, it's really me, I've missed you so much!”
Nadat ze over van alles gekletst hebben, vraagt Geraldine aan Rosie of ze haar wil helpen de kelder leeg te halen en op zoek te gaan naar de sleutel van het slot op de torenkamerdeur. Haar vriendin twijfelt geen moment en zegt dat ze de volgende dag om 9 uur bij het kasteel is.
Verheugd beëindigd ze het gesprek en vraagt zich af waarom ze zo zenuwachtig was. Het leek wel alsof ze elkaar vorige week nog gesproken hadden, zo vertrouwd voelde het.
's Avonds pakt ze de doos met foto's erbij en gaat helemaal op in de herinneringen aan de mooie tijd met Rosie. De tekstballonnetjes die ze er altijd bij plakten was ze helemaal vergeten, maar ze zijn hilarisch!

De volgende dag om 9 uur staan ze stevig omarmd voor het kasteel, wat zijn ze blij elkaar weer te zien!
Nadat ze als vanouds weer in het tuinhuis thee hebben gedronken en samen de foto's hebben bekeken, gaan ze gauw aan de slag in de kelder. Met z'n tweeën is het helemaal niet eng. Om 2 uur bedenken ze zich dat ze helemaal vergeten zijn te lunchen. Rosie neemt alvast de bolpuzzel in de vorm van de wereld mee naar boven; haar broertje zou hem fantastisch vinden. En aangezien Geraldine er niets mee heeft mag hij hem zo hebben.
Weer gaan ze in het mooie tuinhuis zitten met een heerlijke lunch en een uur later vinden ze het tijd worden om weer verder te gaan. Bij het opstaan stoot Geraldine haar voet aan de tafel en hierdoor rolt de wereldbol van de tafel af en in duizend stukjes op de grond. En wat ligt daar nou, het kan niet waar zijn, het is een sleutel! Die grootouders van haar waren zo slim, want wie verwacht nu een sleutel in een bolpuzzel!
Bijna over hun voeten streukelend rennen ze naar de torenkamer, ze proberen de sleutel op het slot en... hij past! De deur valt open en ze zijn binnen. Meteen zien ze de glazen bol met de violet gekleurde suikerspinvis en tranen van emotie biggelen over hun wangen. Hij is nog mooier dan ze zich herinnerden.
Het leegruimen is om 9 uur 's avonds helemaal klaar en emotioneel nemen de vriendinnen afscheid. De volgende dag vliegt Geraldine terug naar Nederland, maar ze belooft Rosie snel weer te komen opzoeken. Met de erfenis van haar grootouders kan ze stoppen met werken en hetgeen gaan doen waar haar hart ligt: vrijwilligers- werk met dieren. Dit geeft haar ook de vrijheid om te gaan en staan waar ze wil. Vanuit het tuinhuisje komen de zacht zingende stemmen van zeemeerminnen en dolfijnen. Geraldine is weer even terug in de tijd, ze zit dromend op het bankje in het licht van de maansikkel en de vuurvisjes in de glazen bol met de violet gekleurde suikerspinvis.